
Leestijd: 5 minDoor Boudewijn Drechsler
Zuid-Soedan, het jongste land ter wereld, bestaat op 9 juli 2026 vijftien jaar. Maar veel te vieren valt er niet. Het land en haar miljoenen inwoners worden geteisterd door oorlog, natuurrampen en vluchtelingenstromen. Liselotte Mikkers van hulporganisatie ZOA zag de crisis van dichtbij.
Zuid-Soedan krijgt nauwelijks media-aandacht. Alle ogen en oren lijken te zijn gericht op oorlogen en crises elders in de wereld. Bij hulporganisatie ZOA staat het land daarom bovenaan hun ‘Vergeten Lijst 2026’ als de grootste vergeten humanitaire crisis ter wereld.
Liselotte Mikkers bezocht het land samen met een filmmaker en fotograaf om een nieuwe hulpcampagne voor ZOA op te zetten. Tijdens haar reis bezocht ze verschillende vluchtelingenkampen. Wat ze daar zag, maakte diepe indruk.
Mikkers ontmoette veel slachtoffers van bloederige, etnische conflicten tussen verschillende bevolkingsgroepen. "We hebben compleet platgebombardeerde dorpen gezien. Veel mensen kunnen daardoor niet meer terug naar huis."
Maar er is meer aan de hand. "Door extreem weer zijn er ook veel overstromingen. We ontmoetten mensen die met tenten een nieuw dorp probeerden op te bouwen, op een paar honderd meter van de plek waar hun oude dorp was weggevaagd."
Zuid-Soedan vangt veel vluchtelingen op uit buurland Soedan. Ook uit het noorden van Zuid-Soedan slaan mensen op de vlucht voor politiek geweld. "Hun verhalen maakten veel indruk. Mensen zijn op klaarlichte dag overvallen door het geweld: bombardementen en vechtende milities."
Daardoor konden ze niet blijven: "Ze hebben halsoverkop moeten vluchten en zijn alles kwijtgeraakt. We spraken zwangere vrouwen die met hun kinderen tien dagen hadden moeten lopen. Nu verblijven ze in een vluchtelingenkamp waar vrijwel niets is: niets te eten en niets te drinken. De omstandigheden zijn er mensonterend, onhygiënisch en ongezond. Deze mensen kunnen nergens heen. Ze kunnen niet terug, maar ook niet verder."

De nood is groter dan ooit, mede doordat belangrijke hulporganisaties zich door bezuinigingen hebben teruggetrokken. Dat gebeurde onder meer na het stopzetten van Amerikaanse ontwikkelings- en noodhulp via USAID, waarvan miljoenen mensen in Zuid-Soedan afhankelijk waren.
"Mensen zijn aan hun lot overgelaten", zegt Mikkers. "De afgelopen jaren zijn veel hulporganisaties vertrokken. Dat werd tijdens onze reis heel zichtbaar. Op veel plekken zagen we verlaten gezondheidsklinieken en voedingscentra, die ooit door hulporganisaties zijn gebouwd. Nu staan ze leeg, omdat die organisaties zijn weggegaan. In veel kampen zijn waterpompen kapot door gebrek aan onderhoud. Zulke waterpompen herstellen we, zodat mensen weer te drinken hebben."
De cijfers liegen er niet om: naar schatting hebben 7,5 miljoen mensen te maken met honger, zijn 9,3 miljoen mensen getroffen door de humanitaire crisis en zijn 4,3 miljoen mensen op de vlucht. En dat op een bevolking van ongeveer 12,1 miljoen mensen.
EO Metterdaad is een campagne gestart om aandacht te vragen voor de situatie in het land en geld in te zamelen voor noodhulp en structurele ondersteuning. Zo wordt er voedselhulp geboden, krijgen boeren ondersteuning bij het verbouwen van voedsel en krijgen kinderen onderwijs en hulp bij het verwerken van de trauma’s die zij hebben opgelopen. Metterdaad werkt daarin samen met partnerorganisaties ZOA, Red een Kind en Dorcas.
Doneren kan hier.
Toch zag Mikkers ook hoop. "Veel mensen die wij spraken, waren christenen. Ondanks de grote nood blijven ze hun hoop op God vestigen. Mensen tonen enorme veerkracht: ze sprokkelen hout om eten te kunnen kopen of leren zichzelf vissen om hun gezin te voeden."
Mikkers is ervan overtuigd dat de situatie in Zuid-Soedan kan verbeteren. "Ik was ook echt verwonderd toen ik daar kwam. Want het is een supermooi land. Het is heel groen, er is veel water. De mensen zijn intelligent en willen heel graag hun land verder opbouwen. Zuid-Soedan is rijk aan belangrijke grondstoffen en heeft veel potentie om te groeien."
Die ontwikkeling begint volgens haar bij de lokale gemeenschappen. "Uiteindelijk is daar alles wat nodig is om zo’n land van onderaf op te bouwen."

Hulporganisaties als ZOA bieden niet alleen noodhulp, maar werken ook aan structurele oplossingen. Boeren krijgen trainingen, goed gereedschap en zaaigoed. Daarnaast worden dijken gebouwd, zodat gemeenschappen beter beschermd zijn tegen overstromingen en niet steeds hoeven te vluchten.
De hulp gaat verder dan materiële ondersteuning. "We zetten ook sterk in op vredesopbouw", vertelt Mikkers. "We brengen mensen uit verschillende bevolkingsgroepen met elkaar in gesprek. Ze leren naar elkaar te luisteren en zoeken samen naar manieren om de toekomst tegemoet te gaan."
Het gaat volgens haar om een combinatie van noodhulp en wederopbouw. "Zodat mensen op korte én lange termijn verder kunnen. Zoals bij Abuk, een boerin in Zuid-Soedan die keer op keer haar oogsten zag mislukken. ZOA hielp haar met een landbouwtraining, gereedschap en verbeterde zaden. Ze zag haar oogst verdubbelen en kon haar gezin weer voeden. Abuk traint nu zelf ook andere vrouwen in de gemeenschap om hetzelfde te doen."
Ondanks de schrijnende situatie blijft Mikkers daarom hoopvol: "Ik wil eigenlijk iedereen wakker schudden: we kunnen echt iets doen!"

