
Leestijd: 12 minDoor Boudewijn Drechsler
Iedereen kijkt reikhalzend uit naar de zomervakantie. Eindelijk even weg van alles, even niets doen. Helaas gold dat jarenlang niet voor Annemara. Vanaf haar tiende jaar werd zij, veel te jong, mantelzorger voor haar psychisch zieke ouder en kleine broertje en zusje. Juist in de vakantie drukte die zorg extra zwaar op haar schouders. "Ik was na de zomervakantie vermoeider dan daarvoor."
Tot haar tiende was haar leven zoals het hoorde voor een kind van haar leeftijd: onbezorgd. De zomervakantie was nog iets om naar uit te kijken. "En we gingen eigenlijk altijd wel weg. Wel gewoon in Nederland hoor, want we hadden niet zoveel geld."
Daar kwam in de jaren die volgden verandering in. Een samenloop van omstandigheden deed Annemara’s leventje zomaar omslaan van onbezorgd naar onleefbaar. "Eén van mijn ouders werd psychisch ziek en in die jaren kreeg ik er ook nog een broertje en zusje bij; zij verschillen in leeftijd behoorlijk met mij. En we kwamen daarbij nog in de schulden terecht." Deze giftige cocktail zorgde voor veel spanningen en zorgen in het gezin van Annemara.
"Juist in de vakanties voelde ik me erg eenzaam en alleen. Ik baalde er echt van dat er geen school was."
"Vanaf toen bestonden mijn vakanties vooral uit ruzies en het zorgen voor mijn broertje en zusje, in plaats van op vakantie gaan of andere leuke uitjes. Mijn ouders konden dat niet meer." De kleine Annemara ging een aantal zware jaren tegemoet en niemand die het zag of durfde te zeggen.
Omdat dit al wat jaren achter haar ligt, voelt het voor haar niet goed om te gedetailleerd op de situatie van haar ouders in te gaan. Over hoe zij het zelf heeft ervaren, is ze open: "Juist in de vakanties voelde ik me erg eenzaam en alleen. Ik baalde er echt van dat er geen school was. School was altijd een uitlaatklep, een vlucht uit huis. Daar kon ik tot rust komen. Ik denk niet dat veel pubers dat zouden zeggen." Thuis wachtten de spanning en de zorgtaken. "Ik was na de zomervakantie vaak vermoeider dan daarvoor." Annemara was een veel te jonge mantelzorger zonder dat ze dat zelf wist.
Annemara paste op haar kleine broertje en zusje, verschoonde hun luiers en deed ze in bad. Daarnaast was er nog het huishouden. "Eigenlijk de dingen die je ouders moeten doen. Maar ja, de één werkte alleen maar om de schulden af te betalen en de ander was mentaal ziek en snapte niet wat er gebeurde en hoe schadelijk dat was. En zo brachten we de zomervakanties door."
Annemara probeerde er voor haar kleine broertje en zusje er het beste van te maken. "Toen ik zelf 14 of 15 was kon ik wel met ze naar de speeltuin in de buurt en ze op die manier bezighouden. Maar ja, dat is wel iets anders dan echt iets leuks doen in de vakantie. En wat we deden was altijd iets voor kleine kinderen. Een pretpark of shoppen was er niet bij."
"Ik wist niet anders. Het was mijn normaal. Ik moest ervoor zorgen dat die jongsten overleefden."
En zo ging zomer na zomer en jaar na jaar voorbij. "Als iedereen in september weer terugkwam op school, hadden zij de mooiste verhalen. Ik had geen leuke verhalen dus dan verzon ik die maar. Over wat ik allemaal niet had gedaan. Of ik zei dat ik heel veel gewerkt had en heel veel geld verdiend had met bijbaantjes." En tenslotte gaat Annemara inderdaad maar allerlei bijbaantjes zoeken. Om maar een goede reden te hebben niet thuis te hoeven zijn.
Omdat ze altijd druk is, mist ze de aansluiting met de andere kinderen in de klas. "Ik werd daarom ook buitengesloten. Ik kon immers nooit mee met de meiden naar de stad. Daar had ik geen tijd voor. Dat voelde zo eenzaam."
Pas na een jaar of zes, op haar zestiende, komt ze in zicht van jeugdzorg. Niet omdat ze zelf aan de bel trekt. Zelf heeft Annemara eigenlijk niet door dat zij zich in een hele onveilige thuissituatie bevindt: "Nee, dat is echt iets wat pas later komt. Dit was mijn leven, zoals ik dat gewend was. Een kwestie van doorbijten en doorgaan. Ik wist niet anders. Het was mijn normaal. Ik moest ervoor zorgen dat die jongsten overleefden. Op de automatische piloot."
Het is de school die uiteindelijk ziet dat het niet goed gaat met Annemara. "Het viel op dat ik enorm aan het afvallen was en heel gestrest was. Ik viel soms ook in slaap tijdens de lessen. Eerst dachten ze dat er fysiek wat mis was met me maar uiteindelijk kwamen ze erachter dat het gewoon thuis te zwaar was en de situatie onhoudbaar was."
Jeugdzorg komt in zicht en zij brengen Annemara op het pad van Heppie Vakanties & Weekenden van Stichting Het Vergeten Kind. Juist voor kinderen die opgroeien in een onveilige of instabiele thuissituatie. Om er ook even tussenuit te kunnen.
Zomaar met onbekenden op vakantie vond Annemara wel spannend, maar de drang om even weg te zijn van thuis wint. "En eigenlijk was het meteen hartstikke leuk."
Gek genoeg doet juist ook de regelmaat en een duidelijk schema haar goed. "Ik wist waar ik aan toe was. Ik vond het heel lekker om te weten wat het programma voor de dag was. De voorspelbaarheid, want dat was er thuis natuurlijk nooit."
En ze hoeft even helemaal niets anders te doen dan zelf kind zijn. Even wennen was dat wel. "Ik vond het dan ook heel fijn dat ik soms wat corvee-taken had. Dat ik zelf mijn tafel mocht afruimen, daar genoot ik gek genoeg erg van. Maar er was verder genoeg afleiding en er waren genoeg leuke momenten, zodat ik me even geen zorgen maakte over hoe het er thuis aan toe ging."
"Als ik weer thuiskwam, dan kon ik er weer even tegen"
Het is vooral de herkenning bij andere leeftijdsgenoten die haar goed doet: "Om te horen dat het niet aan mij lag maar het de situatie was. En dat mijn verhaal niet uniek is. Dat gaf rust." Ze vervolgt: "Ik denk dat het mezelf mogen zijn en me gehoord en gezien voelen, voor mij het meest belangrijk is geweest."
Sinds Annemara's eerste vakantie via Het Vergeten Kind, werd het iets waar ze het hele jaar naar uitkeek. "Het was één van de beste zomervakanties die ik had gehad. Als je thuis alleen negativiteit meekrijgt en alles hartstikke donker is, dan geeft zo’n periode met alleen plezier zoveel verlichting. Ik was daarna echt de dagen aan het aftellen tot ik er weer heen mocht." Het sleept Annemara door de donkere perioden heen: "Als ik weer thuiskwam, dan kon ik er weer even tegen en kon ik het leven weer beter aan. Dan was mijn batterij weer opgeladen."
Gelukkig waren er tussendoor ook weekenden waar Annemara mee mocht. En het waren daar niet alleen de andere kinderen, de spelletjes en de activiteiten die zo belangrijk voor haar waren, maar ook de begeleiders.
"Die waren zo lief en geduldig. Het voelde fijn om door hen gezien en gehoord te worden. Een klein momentje kan al heel veel impact hebben, zeg maar. Dat je weet dat er mensen voor je zijn en die vrijwillig met jou omgaan en het ook leuk hebben."
Met wie Annemara een bijzondere klik had en heeft, is de begeleider en haar bijna-naamgenoot Anne. Zij was vrijwillig begeleider toen Annemara voor het eerst mee ging op kamp, en de keren erna.
"Vergelijk jouw situatie thuis, met dat van vrienden als je twijfelt"
Inmiddels is Annemara 25 jaar en volwassen. Ze heeft een vriend met wie ze binnenkort gaat trouwen. En natuurlijk op vakantie gaat. "We gaan lekker kamperen en ik ga daarnaast nog lekker naar het strand met vriendinnen. En misschien nog een beetje werken, omdat ik dat leuk vind en niet meer als uitvlucht." Annemara zit in haar laatste studiejaar journalistiek, heeft haar eigen productiebedrijf en is bezig met verschillende documentaires. Ook met haar broertje en zusje gaat het nu beter. Voor hen werd ook passende zorg gevonden.
Toch, heel soms, als ze het woordje 'zomervakantie' hoort, komt dat oude nare gevoel weer even boven. "Het roept af en toe nog wel herinneringen op. Maar ik zie er nu wel weer naar uit. Ook om zonder verplichtingen met mijn broer en zusje wat leuks te kunnen doen. Dan kijk ik er juist naar uit dat ze dan gezellig bij mij op zolder komen logeren."
Annemara had zelf nooit kunnen denken dat ze weer zo van de zomervakantie kon genieten. Hoewel ze zelf niet doorhad dat de situatie waarin zij zich bevond niet normaal was, kan ze aan kinderen die dit nu doormaken alleen maar meegeven: "Vergelijk jouw situatie thuis met dat van vrienden als je twijfelt. En als je twijfelt: praat erover met iemand die je vertrouwt." En aan eenieder die iets wil doen: "Ik heb dan veel aan deze vakantiekampen gehad, maar het gaat er uiteindelijk om dat je iemand die dat nodig heeft positieve aandacht geeft. Laat merken dat je iemand echt ziet. Dat kan al een wereld van verschil maken."




