
Leestijd: 5 minDoor Boudewijn Drechsler
Amerikaanse en Scandinavische inlichtingendiensten waarschuwen dat Rusland uit is op een gerichte aanval op NAVO-grondgebied. De Russische militaire aanwezigheid langs de grens met Finland, Noorwegen en de Baltische staten wordt in rap tempo opgebouwd. Dat klinkt hetzelfde als vlak voor de Russische inval van Oekraïne in 2022. Maken we weer dezelfde fout als toen? Hoe dicht zijn we bij een echte oorlog met Rusland?
Amerikaanse en Scandinavische inlichtingendiensten waarschuwen dat Rusland gerichte aanvallen op NAVO-grondgebied voorbereidt. Inmiddels neemt de militaire activiteit langs de grens tussen Rusland en de NAVO-landen explosief toe. Langs de grens met Noorwegen, Finland en de Baltische staten worden kazernes en opslagplaatsen gebouwd door Rusland. Hier kunnen in korte tijd honderduizenden soldaten worden gestationeerd. Die capaciteit kan vooral worden benut wanneer de oorlog in Oekraïne is beëindigd. Het lijkt er dan ook op dat Rusland zich hier met het oog op de toekomst voorbereidt op een nieuw conflict. Deze week nog stond een verslaggever van RTL-nieuws tijdens een interview aan de Letse grens oog in oog met twee Russische militairen.
Het zijn niet de enige verontrustende berichten die ons de laatste tijd bereikten. Zo waarschuwde de Oekraïense president Zelensky voor een nieuw front vanuit Belarus. Volgens hem overweegt Rusland een nieuwe aanval op de hoofdstad Kyiv en op de NAVO-landen die aan Belarus grenzen. De Oekraïense inlichtingendiensten wijzen eveneens op de bouw van militaire bouwwerken en versterkingen.
Hoe aannemelijk is het dat Poetin een nieuwe stap vooruitzet in een oorlog die voor hem momenteel erg slecht verloopt? Er is nauwelijks terreinwinst meer, er sterven bijna 1600 Russische militairen per dag en Oekraïne slaat diep in Rusland toe en heeft de energiesector al zeer gevoelige klappen toegebracht. Het laatste nieuws is dat Oekraïne ook op zee de Russen steeds meer schade toebrengt.
Maakt de gewonde Russische beer zich op voor een wanhoopsdaad of wordt de soep niet zo heet gegeten? Of maken we dan dezelfde fout als in 2022, toen we in Europa allemaal dachten dat Poetin Oekraïne niet zou binnenvallen?
Hoewel niemand precies weet hoe ernstig de situatie is, zijn de ontwikkelingen wel degelijk zorgelijk. In Dit is de dag (EO) praat presentator Jan Willem Wesselink hierover met oud-Commandant der Strijdkrachten Mart de Kruif, hoogleraar Oorlogsstudies Frans Osinga en geopolitiek analist Alex de Krijger.
De heren zijn het er alle drie over eens: een Russische militaire inval op NAVO-grondgebied is niet uit te sluiten. De Kruif legt uit waar we, volgens hem, op dit moment staan.
Mart de Kruif
Oud-commandant Landstrijdkrachten"Dat Rusland op korte termijn een inval doet, is geen realistisch scenario, maar wel een mogelijk scenario. Als de oorlog in Oekraïne stopt, en er komt een wapenstilstand, dan is het tot binnen één en drie jaar goed mogelijk dat de Russen dit gaan doen. Ze hebben de capaciteiten en het is duidelijk dat de intentie van Rusland is om, nu de oorlog in Oekraïne niet goed gaat, het Westen als vijand te gaan verklaren."
Het gaat slecht met de oorlog voor Rusland. Hoogleraar Oorlogsstudies Osinga benadrukt dat het momenteel evenveel land in handen heeft als in het begin van de oorlog in 2022. Rusland heeft intussen 1,4 miljoen mensen verloren, met elke dag 1600 man daarbovenop. En de olievoorraden, de energiefaciliteiten, commandocentra en vliegvelden worden tot diep in Rusland aangevallen. Maar Osinga stelt dat de oorlog met Oekraïne niet per se beëindigd hoeft te zijn voordat Rusland gaat aanvallen. Dat kunnen ook zogenaamde prikacties zijn. Kleine aanvallen om te kijken wat de reactie van de NAVO is.
Frans Osinga
Hoogleraar Oorlogsstudies"Juist omdat de oorlog voor Rusland momenteel niet goed verloopt, kan het land besluiten om de geloofwaardigheid van Europa en het NAVO-bondgenootschap te gaan testen. Rusland kan daarnaast nog steeds binnen korte tijd vijftigduizend of tachtigduizend man op de been brengen. Maar we praten niet alleen over militaire dreigingen. Je moet ook kijken naar hybride dreigingen."
Deze week nog riep Nederland de Russische ambassadeur op het matje vanwege cyberaanvallen. Onder andere het hacken van particuliere camera's langs routes waar militaire spullen vervoerd worden.
"Hybride oorlogsvoering gebeurt dus nu al. We hebben afgelopen maanden ook overal drones gezien van onbestemde herkomst. Waar waarschijnlijk de Russen achter zitten. Of de brandstichtingen in munitiefabrieken her en der in Europa. Dus dit gebeurt momenteel al."
Geopolitiek analist, De Krijger, ziet net als Osinga ook een extra dreiging van Rusland door het slechte verloop van de oorlog.
Alex de Krijger
Geopolitiek analist"We hebben te maken met een gewonde beer in het Kremlin. En die is gevaarlijk. Er is voor hem eigenlijk geen weg meer terug. Wat ik altijd van Rusland-experts heb begrepen is dat het pas echt link wordt als de oorlog naar Moskou en Sint-Petersburg komt, en dat is nu het geval. Als de oorlog ook Russische burgers begint te raken, komt Poetin onder druk te staan en wil hij ons graag angst aanjagen."
Osinga kijkt vervolgens nog dieper in het brein van de gewonde Russische beer.
Frans Osinga
Hoogleraar Oorlogsstudies"We focussen ons nu op de Baltische staten en de oorlog in Oekraïne. Daarachter ligt echter de overtuiging van het Kremlin dat dit een beschavingsoorlog is, een existentiële oorlog tegen het Westen. Rusland heeft gezegd dat deze oorlog gaat over de toekomst van Europa. Het zijn hun eigen woorden dat ze in oorlog zijn met het Westen. We moeten niet naïef zijn over de dreiging die daarvan uitgaat."
De Kruif sluit daarbij aan. De opbouw van troepen en materieel langs de NAVO-grenzen is volgens De Kruif ook op de langere termijn gericht.
Mart de Kruif
Oud-commandant Landstrijdkrachten"Ze bereiden zich voor op een grootschalige aanval met territoriale winst. Als we ons nu niet gaan voorbereiden, wordt de kans op zo'n aanval groter."
Hoewel een grootschalige landoorlog op korte termijn geen heel realistisch scenario is, is het wel de hoogste tijd voor bewustwording, alertheid en openheid naar de bevolking. Dat is iets waar het volgens De Krijger bij ons in Nederland echt aan ontbreekt.
Alex de Krijger
Geopolitiek analist"In de Noord-Europese landen wordt die Russische dreiging expliciet genoemd. Hier in Nederland hebben wij allemaal die folder gekregen, maar het woord Rusland komt er nergens in voor. Continu die terughoudendheid. Vergelijk het met de grootste pandemie in honderd jaar: corona. Toen zag je iedere week Hugo de Jonge. Nu, bij de grootste oorlogsdreiging in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog, en de gevaren richting ons, is er geen enkele directe communicatie. Het doel is absoluut niet om paniek te zaaien, maar de alertheid moet omhoog. In Zweden zeggen ze: 'Je goed voorbereiden is geen angst zaaien, maar gewoon verantwoordelijkheid nemen'. En het is belangrijk dat dat nu gebeurt. De situatie in Europa is sinds de Cubacrisis van 1962 niet meer zo zorgelijk geweest."
De Kruif vult hem aan:
Mart de Kruif
Oud-commandant Landstrijdkrachten"We moeten beseffen dat we al in een soort staat van oorlog zijn met Rusland. Dat betekent dat je je daarop moet voorbereiden. Je moet altijd op de worst case plannen. Als je dat niet doet, heb je een probleem. Kijk maar naar het begin van de oorlog."
Kruif verwijst naar de recente onthulling dat de Nederlandse inlichtingendiensten tot het laatste moment niet geloofden dat Rusland Oekraïne binnen zou vallen.
"Wij hebben de neiging om alles te ontkennen. Nederland had al in 2016 rapporten, niet alleen van de inlichtingendiensten, maar ook van de Adviesraad Internationale Vraagstukken, waarin stond dat men wist dat Oekraïne ooit ten prooi zou vallen aan Russische agressie. Alleen niet wanneer."
In Dit is de dag (EO) gaat Jan Willem Wesselink verder over dit onderwerp in gesprek. Beluister de uitzending hieronder als podcast.
De weergave van Spotify vereist jouw toestemming voor social media cookies.
Luister jij liever via een ander kanaal? Klik hier om het gesprek af te spelen op jouw favoriete podcast-app.


