
Leestijd: 6 minDoor Redactie DIT
Ellen Venhuizen (67) beviel op haar zestiende van een dochter. Ze stond haar af, onder druk van haar moeder. Door de Nederlandse adoptiewet kon dat, terwijl Venhuizen er weinig over te zeggen had. Vandaag krijgt ze excuses van de overheid, samen met duizenden andere afstandsmoeders.
In Dit is de Dag (EO) was Venhuizen te gast om te praten over haar situatie. Het verhaal is een levenslang trauma voor haar, waardoor ze het lastig vindt om erover te vertellen. Ze werd zwanger op haar 15e van haar eerste vriendje, zo vertelde ze eerder in NRC, waarna haar moeder in woede ontvlamde.
Haar moeder accepteerde niet dat Venhuizen met de baby thuis zou komen. "Ik had drie broers en mijn moeder zei: dat zal niet gaan, want dan heeft het kind drie vaders en twee moeders", aldus Venhuizen.
Na de bevalling, waar er een doek voor haar gezicht werd gehouden, mocht ze het kind niet zien. Ze wist niet eens of het een jongen of een meisje was. De Raad voor de Kinderbescherming liet haar een afstandsverklaring tekenen, waarin stond dat ze vrijwillig afstand deed van haar kind. Maar echt vrijwillig was het niet, vertelt ze: "Het was niet mijn eigen keuze."
Christel Don
Schrijver van het boek 'Afstandsmoeders'"Ze werd onder narcose gebracht en toen ze wakker werd lag ze op de zolder van het ziekenhuis in een ruimte die daar niet voor bedoeld was. Haar buik was plat, haar baby was weg, en ze heeft hem nooit meer gezien tot aan de dag van vandaag."
Het verhaal van Ellen Venhuizen staat niet op zichzelf. Duizenden vrouwen moesten tussen 1956 en 1984 afstand doen van hun kind. In het overgrote deel ging het om ongehuwde, jonge moeders.
Journalist Christel Don – ook te gast in Dit is de Dag – tekende de afgelopen jaren veel van hun verhalen op. "Ik moet bijvoorbeeld denken aan Irene, die was 16 en wilde haar kind houden, maar dat mocht niet van haar vader. Toen is ze naar de protestantse Hendrik Pierson Vereniging gegaan, waar op haar werd ingepraat dat ze het kind moest afstaan, omdat geen man haar meer zou willen als ze dit kind zou hebben. Er werd altijd tegen haar gezegd hoe slecht ze was."
Irene ging uiteindelijk naar het ziekenhuis, waar haar niks werd verteld over hoe de bevalling zou verlopen. "Ze werd onder narcose gebracht en toen ze wakker werd lag ze op de zolder van het ziekenhuis in een ruimte die daar niet voor bedoeld was. Haar buik was plat, haar baby was weg, en ze heeft hem nooit meer gezien tot aan de dag van vandaag."
Vandaag biedt staatssecretaris Claudia van Bruggen van Justitie en Veiligheid officiële excuses aan vanuit de overheid voor de rol die zij had bij de afstandsmoeders. Ondanks dat er vaak afstand van de kinderen werd gedaan onder druk van ouders en de kerk, is het ook terecht dat de overheid het doet, vindt Don. "In 1956 werd de adoptiewet ingevoerd en dat maakte het mogelijk en het zorgde ervoor dat druk op ongehuwde moeders hoger werd." In een toelichting op die wet werd dit zelfs benoemd: "Als we deze wet invoeren, wordt de druk op ongehuwde moeders niet groter? Maar dat werd in dezelfde toelichting gerelativeerd en in de praktijk terzijde geschoven."
De tijdgeest was anders, vertelt Don: "De christelijke moraal was toen nogal doordrenkt in de samenleving; als je ongehuwd zwanger raakte werd dat gezien als een grote schande." Daarnaast gaven psychiaters het ook een wetenschappelijke legitimering: "Ze zeiden: een kind kan beter opgroeien bij een vader én een moeder, dus die vrouwen werden vaak neergezet als labiel. Dat beïnvloedde enorm de instellingen die met ongehuwde moeders werkten. Die dachten altijd: moeders en kinderen horen bij elkaar, maar onder invloed van deze psychiaters en de adoptiewet veranderde dat."
Ook voor Venhuizen zijn de excuses belangrijk. "We zijn niet beschermd. De Raad voor de Kinderbescherming waren er niet voor de meisjes die zwanger waren, terwijl die ook nog kinderen waren." De geboren kinderen werden overigens ook niet goed beschermd: "Er werd tegen mij gezegd: je kind gaat snel naar een goed gezin. Maar dat was helemaal niet zo. Ze bleven minimaal drie maanden in een kindertehuis, maar vaak ook veel langer. Ze bleven er vaak een jaar of soms wel twee jaar. Dat is voor die kinderen vaak een fatale periode geweest."
Venhuizen hoopt dat de staatssecretaris in ieder geval niet zegt dat het heel vervelend is dat het 'jullie' is overkomen. "Dan plaats je ons in een aparte categorie", vertelt ze. Ze hoopt ook dat de staatssecretaris niet verwijst naar de tijdgeest, 'zo ging het nou eenmaal in die tijd'. "Want zo ging het helemaal niet zo in die tijd, het ging zo omdat die wet er was."
Alleen excuses zijn ook niet genoeg. "De dossiers moeten openbaar", zegt ze. "Je kunt ze wel inzien, maar dan zijn ze vaak zwartgelakt. En de vraag is ook of ze compleet zijn. Dat weet niemand."
Christel Don
Schrijver van het boek 'Afstandsmoeders'"Het zou goed zijn als ook kerken hun excuses aanbieden."
Als het aan Christel Don ligt, gaan ook kerken excuses aanbieden. Zij speelden ook vaak een grote rol in het proces. "Uit onderzoek blijkt dat kerk en staat hand in hand gingen. Het was soms niet duidelijk wanneer de staat ophield en de kerk begon. Het zou goed zijn als de kerken dus ook met reflectie komen." In Canada en het Verenigd Koninkrijk is dat inmiddels gebeurd, vertelt ze. Dit is wellicht een volgende stap in het proces van heling voor de afstandsmoeders, van wie velen nog altijd getraumatiseerd zijn.
In Dit is de Dag sprak Jan Willem Wesselink met Ellen Venhuizen en Christel Don. Luister hieronder het gesprek.
De weergave van Spotify vereist jouw toestemming voor social media cookies.
Luister jij liever via een ander kanaal? Klik hier om het gesprek af te spelen op jouw favoriete podcast-app.

