Leestijd: 6 minDoor Mariska van der Veen
"Kinderen van ouders met een verstandelijke beperking komen vaak tekort", zegt consulent Jolanda den Hartog. Meestal horen ze pas na hun twintigste dat hun ouders een verstandelijke beperking hebben: "Als kind denk je dat de problemen door jou komen, dat heeft een enorme impact. Pas later kom je erachter: het lag niet aan mij."
Als consulent bij belangenvereniging Sien hoort Den Hartog veel verhalen van kinderen die zijn opgevoed door ouders met een verstandelijke beperking. Vanaf acht jaar merken kinderen al dat ze slimmer zijn dan hun ouders: "Dat is lastig als je zo jong bent. Het geeft een bepaalde verantwoordelijkheid en het voelt als een last."
Ook op sociaal-emotioneel terrein komen kinderen tekort. Terwijl het heel belangrijk is dat je ouders emotioneel beschikbaar zijn en zich kunnen afstemmen op jouw behoeftes en verlangens, zegt Den Hartog. Volwassen ervaringsdeskundigen geven bij haar aan dat het missen van hulp bij huiswerk niet het grootste probleem was, ze zeggen: "Ik vond het vooral zwaar dat ze er emotioneel niet voor mij waren." Maar natuurlijk missen kinderen ook de praktische hulp, ze moeten alleen hun spreekbeurt voorbereiden en een surprise maken. Den Hartog hoorde van een ervaringsdeskundige: "Ik had altijd de stomste surprise van de klas."
Jolanda den Hartog
Consulent belangenvereniging Sien"Een kind voelt zich niet gezien en mist de bevestiging van zijn ouders."
Kinderen voelen zich dus niet echt gezien en worden ook niet geholpen om hun emoties te ontwikkelen: "Ouders vinden het moeilijk om te begrijpen waarom een kind boos, verdrietig of juist heel blij is." Daarnaast gaan hun eigen belangen vaak voor: "Ze hebben bijvoorbeeld geen aandacht voor het kind, omdat ze per se een televisieprogramma willen zien."
In de hechting gaat hierdoor veel mis, aldus Den Hartog. "Voor een veilige en goede hechting heb je iemand nodig die jou goed kent en echt ziet en bij wie je je altijd veilig voelt. Door veilige hechting leer je: ik mag er zijn en wat ik ook doe, ik ben geliefd." Dit is bij kinderen van ouders met een verstandelijke beperking vaak niet het geval: "Je ziet daar veel onveilige hechting. Het is namelijk de omgekeerde wereld: je zorgt als kind voor je ouders in plaats van dat ze voor jou zorgen."
Uit onderzoek van het Trimbos-instituut blijkt volgens Den Hartog dat veel kinderen er pas halverwege de twintig achter komen wat er met hun ouders aan de hand is. "Dat heeft een enorme impact", zegt Den Hartog. "Als kind ben je loyaal aan je ouders en denk dat je dat problemen en ingewikkeldheden in het gezin aan jou liggen. Pas later kom je er dan achter: het kwam niet door mij." Dat ouders niet vertellen over hun verstandelijke beperking heeft te maken met schaamte en angst. Ze zijn volgens Den Hartog bijvoorbeeld bang dat hun kind wordt weggehaald.
Jolanda den Hartog
Consulent belangenvereniging Sien"Ze leren al heel jong te zorgen voor hun ouders en daardoor ligt in relaties de focus op de ander."
Ook op lange termijn heeft een opvoeding door ouders met een verstandelijke beperking grote gevolgen. "Als je je niet echt gezien voelt als kind, doet dat heel veel met je zelfvertrouwen en je zelfbeeld." Veel van de kinderen hebben op latere leeftijd last van onzekerheid, stelt Den Hartog. Ook hebben ze al heel jong geleerd te zorgen voor hun ouders en hierdoor ligt in relaties de focus op de ander. "Dat betekent dat ze niet leren om grenzen te stellen, dat nemen ze hun leven lang mee." In contact met hun dierbaren stellen ze zich vragen als: hoe gaat het met de ander? Hoe pas ik me aan? Hoe zorg ik dat het goed gaat met de ander?
Opvoeden doen ouders op hun manier zo goed mogelijk, maar daarbij hebben ze wel ondersteuning nodig, vindt Den Hartog. En in de begeleiding moet je hulp bieden aan zowel de ouders als de kinderen, maar "dat schuurt en is soms ingewikkeld". Wat heel belangrijk is, zegt Den Hartog, is dat al vanaf de geboorte van een kind ondersteuning komt in gezinnen.
De zorg in de gezinnen moet daarnaast structureel zijn: "Net zo lang als het kind thuis woont.” Want ouders hebben in iedere fase een ander soort hulp nodig, aldus Den Hartog. Daarnaast moet er voor het kind een steunfiguur zijn: "Dat hoeft niet per se een professional te zijn, maar kan ook iemand vanuit het sociale netwerk of de buurt zijn." Sien is niet per definitie voor of tegen uithuisplaatsing van kinderen, zegt Den Hartog. "Onze missie is dat er voldoende en structurele steun is voor de ouders én voor het kind. Want het heeft het recht om, net als ieder ander kind, goed, gezond en veilig op te groeien, zodat het optimaal tot ontwikkeling kan komen."
In Dit is de Kwestie (EO) gaat Margje Fikse verder over dit onderwerp in gesprek met verschillende ervaringsdeskundigen en deskundigen. Bekijk de uitzending hier:
Wil jij de aflevering liever streamen? Klik hier om de aflevering te bekijken via NPO Start.
Op je achtste al slimmer dan je ouders: kunnen verstandelijk beperkte ouders hun kinderen wel opvoeden?
Lizzy's moeder is verstandelijk beperkt en kreeg nog een baby: hoe gaat het nu met Luna?
Wel of geen pleegkind in huis? 'Ik haal zoveel uit een kind dat lacht'



