
Leestijd: 7 minDoor Lydia Kruin-Fris
Joep (60) is gebroken als hij terugkomt uit voormalig Bosnië waar hij als militair diende. Maar in plaats van dat hij in Nederland herstelt, breken de trauma’s hem op en raakt hij in een juridische strijd met Defensie verwikkeld. "Ik schaamde me dat ik niet de partner en vader kon zijn die ik had moeten zijn."
"Mijn moeder zag direct dat ik veranderd was toen ik terugkwam van de missie in voormalig Bosnië. Ze zei dat mijn oogopslag anders was, de lach was weg van mijn gezicht." Tijdens de vredesmissie van de Verenigde Naties in 1994 is Joep, dan 28 jaar, zes maanden lang chauffeur van het tweede konvooi en is hij verantwoordelijk voor de bevoorrading van het dienstkamp.
Joep loopt die periode heftige trauma’s op. "Samen met negentien anderen ben ik gegijzeld geweest. Bij een checkpoint mochten we niet verder en moest ik de tientonner neerzetten, waarna we allemaal in een klein huis werden gedropt. Na acht angstige dagen werden we vrijgelaten." Naast de gijzeling maakt Joep vele beschietingen en overvallen mee, waarbij ook enkele vrienden van Joep gewond raken.
Als Joep en andere veteranen in 1995 van de missie terugkomen in Nederland, wordt hij samen met de anderen lange tijd met de nek aangekeken. Ze zijn vaak onterecht gezien als medeplichtig aan de val van de enclave Srebrenica (Dutchbat III) en de daaropvolgende genocide. "Dat hielp niet in mijn maatschappelijke re-integratie. Ook in Nederland moest ik klappen opvangen. Ik voelde enorm veel schaamte en schuldgevoel."
Direct na zijn terugkeer spelen er mentale klachten bij Joep op. "In nieuwe banen kon ik niet echt aarden, en ik vertoonde vermijdgedrag. Ik kon verbaal behoorlijk agressief zijn, had last van een kort lontje, en kon het eigenlijk niet meer opbrengen om leuke dingen te doen. En ik had regelmatig nachtmerries en flashbacks die te maken hadden met de missie. Dan lag ik letterlijk schoppend en slaand in bed, terwijl ik sliep." En dan zijn er ook nog lichamelijke klachten. "Ik had chronisch last van mijn nek, had veel hoofdpijn, last van zenuwuitval in mijn armen en tintelingen en pijnlijke benen."
Ondanks de psychische en lichamelijke klachten, lukt het Joep min of meer nog om zijn werk in de beveiliging te doen. Totdat in 2004 zijn eerste kind wordt geboren. "Die baby was een soort trigger, met zoveel veranderingen en extra prikkels. Ik stortte gewoon helemaal in. In therapie kreeg ik de diagnose PTSS. Daar was ik in eerste instantie helemaal niet blij mee, want dat betekende dat ik mijn werk ook voor een groot deel moest neerleggen."
Tot 2008 blijft Joep zoveel mogelijk werken, omdat hij een zo normaal mogelijk leven wil leiden, vooral voor zijn twee zoons. "Maar ik hield het niet vol thuis en viel weer volledig uit en heb twee jaar in een tehuis geleefd voor veteranen met PTSS. Ik heb een deel van de kindertijd van mijn kinderen gemist, en daar voel ik me schuldig over. Ik schaamde me dat ik niet de partner en vader kon zijn die ik had moeten zijn." Joeps relatie gaat in die periode ook uit.
Ondertussen is Joep ook bezig met een zaak tegen zijn voormalige werkgever: Defensie. Zo'n 25 jaar zit Joep in een uitzichtloze situatie. Als veteranen ziek raken in dienst van het land, hebben ze recht op volledige schadevergoeding. Toch kiest Defensie er vaak voor om dit recht af te wikkelen via een vaststellingsovereenkomst (VSO). Daarmee wordt gedaan alsof de schadevergoeding een kwestie van onderhandeling is, en zijn veteranen vaak slechter uit op financieel vlak, en op het gebied van rechtsbescherming.
Ook Joep heeft tegen beter weten in de VSO getekend. Hij is het er helemaal niet mee eens, maar heeft voor zijn gevoel geen andere keuze. "Ik dacht toen ik terugkwam van de missie dat ik hier in goede handen was, dat Defensie oog had voor mijn belangen. Men zei dat ik de VSO moest tekenen, dat dat de beste deal was die ik kon krijgen. Ik voelde me onder druk gezet en tekende die, al had ik meteen een slecht onderbuikgevoel."
Later komt Joep er in gesprek met anderen, waaronder advocaten, achter dat hij door Defensie niet eerlijk behandeld is. "Ik voel me bedonderd. Mijn advocaat zei: wat ze jou hebben aangedaan is schandalig. Ik had veel meer geld moeten krijgen. Defensie zou iedereen gelijk en goed moeten behandelen, maar dat doet ze niet. Uitslagen van mijn medische keuringen zette Defensie ook niet in het rapport om misstanden – zoals dat ik werd blootgesteld aan chemische rommel tijdens mijn diensttijd – onder tafel te schuiven."
"Het voelt alsof Defensie keihard met mijn leven heeft gespeeld, omdat de missie al kansloos was toen we eraan begonnen."
De helft van zijn leven is Joep bezig met het leren omgaan met PTSS, en gerechtigheid krijgen bij Defensie. "Het voelt alsof Defensie keihard met mijn leven heeft gespeeld, omdat de missie al kansloos was toen we eraan begonnen. Ik heb zelf gekozen om mee te gaan, maar heb niet gekozen voor deze behandeling achteraf. Ik ben boos en verbitterd en heb geen leven meer."
Joep hoopt dat Defensie erkent dat er fout met zijn zaak is omgegaan en dat Defensie van zijn fouten leert voor toekomstige veteranen. "Wat me nu nog kracht geeft om iedere dag op te staan, zijn mijn twee zoons. En ik heb inmiddels weer een fijne partner. Het ergste vind ik dat ik nog steeds niet in staat ben leuke dingen te doen met mijn gezin. Het laatste uitje met mijn zoons was de Efteling, maar al na een uur moest ik daar echt weg. Ik kan nog altijd slecht tegen prikkels en zal door de PTSS altijd nazorg nodig hebben."
In Dit is de kwestie (EO) gaat Hans van der Steeg verder over dit onderwerp in gesprek. Bekijk de volledige uitzending hier.
Wil jij de aflevering liever streamen? Klik hier om de aflevering te bekijken via NPO Start.

Marc liep afschuwelijke trauma's op in Libanon: 'Defensie ziet schade niet in'

Zorgt Defensie wel goed voor haar getraumatiseerde veteranen? 'De klap komt in Nederland'

Henri en Hennie verloren hun zoon aan zelfdoding: 'Defensie liet hem in de steek'